Dirk Van der Maelen sommeert Reynders naar Kamer over deelname aan bombardementen in Syrië

Dinsdag 3 mei 2016 — Didier Reynders liet vanochtend verstaan dat hij met Belgische F-16’s vanuit Jordanië wil gaan bombarderen in Syrië. Commissievoorzitter Dirk Van der Maelen heeft Reynders alvast met spoed uitgenodigd in het parlement. “Ik wil weten hoe hij tot die beslissing is gekomen, want Syrië is Irak niet.” Tot nog toe was het Belgisch leger enkel actief in Irak, maar vanaf 1 juli wil Reynders de Nederlandse luchtmacht dus ook aflossen boven Syrië.

De minister gaf in zijn interview aan naar het parlement te komen, maar zonder van een datum te spreken.  “Dit is geen beslissing waar licht over mag gegaan worden”, zegt Dirk Van der Maelen. “Daarom heb ik minister Reynders aangemaand om meteen volgende week samen met de premier en de minister van Defensie toelichting te komen geven in het parlement. We vragen dat al wekenlang, maar zonder respons. Nu blijkt Reynders, die momenteel op officieel bezoek is in Jordanië, reeds een engagement te zijn aangegaan. Met zijn uitspraken laat hij weinig ruimte tot overleg, terwijl de situatie in Syrië niet vergelijkbaar is met die in Irak.”

Dirk Van der Maelen is niet wild van de idee om ook in Syrië te bombarderen. “Het land is een wespennest waar verschillende politieke en militaire belangen elkaar kruisen. Het is een land zonder toekomstplan, waar tientallen kleine splintergroepen elkaar bevechten. Syrië was al in oorlog nog voor IS toekwam, niemand lijkt vandaag te weten wat te doen wanneer straks de rook is verdwenen. Daarom zou ik graag de politieke, militaire en juridische grond van zijn beslissing vernemen. Ook het veiligheidsrisico in eigen land moet in die analyse opgenomen worden.” Volgens Van der Maelen onderschat Reynders het gewicht van zijn beslissing. “Hij gooit dat even in een interview, maar het gaat wel om deelname aan een oorlog in een gebied dat al jaren onstabiel is. IS heeft geprofiteerd van de burgeroorlog om ginds terrein te verwerven. Eens IS weg is, mag er geen ruimte meer zijn voor nieuwe radicale groeperingen.”