Freya Van den Bossche eist onderzoek naar functioneren Jongerenwelzijn

Donderdag 16 maart 2017 — Vlaams parlementslid Freya Vandenbossche eist van minister Vandeurzen een grondig onderzoek naar het functioneren van het Agentschap Jongerenwelzijn. Aanleiding is het trieste lot van Ferre, de West-Vlaamse jongen van acht die deze week overleed. “Het is met grote terughoudendheid dat ik mijn vraag vandaag voor de zoveelste keer stel”, zegt Van den Bossche. “Maar er glippen te veel jongeren door de mazen van het net. Ieder kind dat nood heeft aan hulp, moet geholpen worden. Dat is blijkbaar opnieuw niet gebeurd, ondanks de aanwijzingen dat de omgeving noodsignalen heeft uitgezonden. Ik besef ten volle dat het delicaat is om een individueel geval aan te grijpen om dit punt te maken, maar de minister laat me geen keuze: telkens weer steekt hij zich weg achter het excuus dat hij niet kan uitweiden over individuele gevallen. Ondertussen hebben we helaas zo veel individuele gevallen gehad dat we moeten spreken over een structureel falen van de Vlaamse jeugdzorg.”

De achtjarige Ferre overleed deze week in verdachte omstandigheden. Over wat er precies gebeurd is, kunnen we ons op dit moment niet uitspreken. Dat is een zaak van het gerecht. Maar uit diverse getuigenissen blijkt wel overduidelijk dat we dit kind als samenleving aan zijn lot hebben overgelaten. “Hoe kan het dat de signalen die daarover zijn uitgezonden niet zijn opgepikt?”, vraag Van den Bossche zich af. “Hoe kan het dat het recht op hulp voor àlle jongeren in nood in een decreet is vastgelegd, maar dat we er toch niet in slagen om het waar te maken? Hoe kan het dat we hier vandaag, na het zoveelste individuele geval, opnieuw dezelfde vragen moeten over stellen?”

Van den Bossche eist dat minister Vandeurzen de onderste steen omkeert om na te gaan of en hoe zijn administratie in deze zaak opgetreden is en het parlement, desnoods achter gesloten deuren, op de hoogte brengt van de bevindingen. “Ik vind het bijzonder delicaat om dit individuele geval aan te grijpen om het functioneren van de overheidsdiensten in vraag te stellen”, zegt Van den Bossche. “Maar er is geen andere manier. Het is alleen door dergelijke gevallen dat we geconfronteerd worden met gaten in het systeem. En er zijn de afgelopen tijd véél individuele gevallen geweest van jongeren die aan hun lot zijn overgelaten, gelukkig niet altijd met dramatische afloop. Die opeenvolging van individuele gevallen wijst op een structureel probleem. Het is daarom mijn taak als parlementslid om te blijven hameren op de tekortkomingen, ook in moeilijke momenten als deze.”

“We zijn het aan onszelf als samenleving verplicht om er te zijn voor onze kinderen, ook en vooral als ze het moeilijk hebben of in nood zijn”, besluit Van den Bossche. “Vandaag hebben we opnieuw gefaald. Laten we de werking van de Vlaamse jeugdzorg tot op het bot uitspitten, de lacunes detecteren en er samen voor zorgen dat er geen Ferres meer komen.”


Freya Van den Bossche zal minister Vandeurzen zo snel mogelijk over de kwestie ondervragen in het Vlaams parlement.

Published with Prezly