Kitir tevreden: 'Veiligheidsdiensten worden fundamenteel versterkt in commissierapport aanslagen'

Donderdag 8 juni 2017 —  

Fractieleider voor sp.a Meryame Kitir is tevreden dat er over een moeilijk thema als veiligheid toch een consensus gevonden is. Met acht partijen die daar maanden en maanden hard voor gewerkt hebben. Het is goed en evenwichtig rapport geworden dat de veiligheidsarchitectuur in ons land klaarmaakt voor de internationale terreur van de 21ste eeuw.  “Dat is heel belangrijk voor onze veiligheidsdiensten maar vooral voor de veiligheid van de mensen”, zegt Kitir.

 

De inlichtingendiensten krijgen een veel grotere rol in het opvolgen van mensen die geradicaliseerd zijn. Dat is erg belangrijk omdat in het verleden de federaal procureur en de federale politie bijna al die dossiers moesten behandelen, waardoor zij volledig overbelast waren. In de toekomst zullen de inlichtingendiensten samen om de tafel zitten met het parket en de politie in een zogenaamde Joint Decision Center en samen beslissen wie een dossier opvolgt. Zo hadden de dossiers zoals die van de broers Abdeslam opgevolgd kunnen worden door de inlichtingendiensten. In het verleden kwam de zaak voor het federaal parket die het seponeerde, waarna er niets mee gebeurde.

 

Een essentiële aanbeveling van de onderzoekscommissie is de oprichting van een  kruispuntdatabank veiligheid. Daarin komt alle informatie over terroristen, extremisten en gewelddadige radicalen samen. Zo zullen parketten, politie-inspecteurs, inlichtingendiensten en rechters eindelijk over àlle info beschikken over mensen die geradicaliseerd zijn. Bijvoorbeeld over mensen als de Abdeslams en de El Bakraoui’s.  

 

We hebben kunnen vaststellen dat er uit de gemeenschappen juiste en tijdige informatie gekomen is over de radicalisering van de Abdeslams en over de schuilplaats van Salah Abdeslam. We hebben helaas ook moeten vaststellen dat die nuttige info niet correct opgenomen is in het systeem en verloren gegaan is. We hebben aanbevelingen geformuleerd om ervoor te zorgen dat dergelijke info in de toekomst wél opgenomen wordt en gebruikt kan worden door alle diensten die onze veiligheid kunnen beschermen.

 

Erg belangrijk is ook het diverser maken van politiekorpsen.  De verschillende gemeenschappen uit de samenleving moeten aanwezig zijn bij de politie, zodat alle mensen de politie vertrouwen en haar info geven over radicalisering, extremisme en terreur.  We hebben dat gekoppeld aan een aanbeveling voor een diverse en gemeenschapsgerichte wijkpolitie. Een politie die dus niet alleen divers is, maar ook dichtbij de mensen staat. Zo mag het niet  meer gebeuren dat een gevaarlijke terrorist als Salah Abdeslam verschillende maanden kan onderduiken in zijn eigen stad.

 

De onderzoekscommissie heeft ook vastgesteld dat verbindingsofficier Sébastien Joris geen fouten heeft gemaakt, zoals minister Jambon beweerde.  Hij heeft de wet niet geschonden en wordt deontologisch niet vervolgd. Bovendien is gebleken dat DJSOC/terro kansen gemist heeft om Ibrahim El Bakraoui op te nemen in terreur databanken en tijdig te signaleren. Daarmee wordt in ieder geval Joris vrijgepleit van de alleenschuld die hij te verduren kreeg.  We hebben trouwens ook aanbevolen dat de verbindingsofficier in Turkije in de toekomst veel beter ondersteund zal worden.

 

We hebben tot slot ook kunnen vaststellen dat de federale gerechtelijke politie en de inlichtingendiensten onderbemand en ondergefinancierd zijn. We willen dan ook dat de  federale gerechtelijke politie en de inlichtingendiensten meer mensen en middelen krijgen. Wij bevelen bovendien aan dat de inlichtingendiensten aan infiltratie mogen doen in terroristische milieus.