“Regering gaat in op sp.a-voorstel voor permanente opvolgingscommissie”

Vrijdag 9 februari 2018 —  

Het rapport van het Commissariaat Generaal voor de Vluchtelingen en Staatslozen (CGVS) bevestigt wat Monica De Coninck al sinds september van vorig jaar zegt.  De federale regering had veel voorzichtiger kunnen en moeten zijn in het uitwijzingsbeleid naar Soedan. De regering lijkt in te gaan op het voorstel van Monica De Coninck voor een opvolgingscommissie die het uitwijzingsbeleid permanent moet opvolgen, onderzoeken en bijsturen. Ze hoopt dat de regering er na dit Soedan-débâcle eindelijk werk van maakt.

 

“Ik zal de laatste zijn om te beweren dat oplossingen in deze gevoelige zaak makkelijk zijn, maar de regering heeft geen enkele poging ondernomen om de zaak onder controle te houden. Wel integendeel”, zegt Monica De Coninck. “De hele zaak werd uitbesteed aan het Soedanese regime. De federale regering heeft simpelweg haar handen van het dossier afgehouden en onvoldoende haar werk gedaan. Dat is niet minder dan slecht bestuur.”  

 

Sinds september al vraagt sp.a om een tolk tijdens de Soedanese missie zodat de Dienst Vreemdelingenzaken op de hoogte zou kunnen zijn van wat tijdens de interviews gezegd werd. Dat advies werd genegeerd. Ook volgens Amnesty International heeft ons land geen enkele poging ondernomen om die interviews te monitoren. De staatssecretaris heeft intussen, veel te laat, erkend dat een tolk een interessante suggestie is.

 

Sinds september - toen Francken nog dacht dat België het eerste land was om een Soedanese missie te ontvangen - wees de sp.a-fractie op buitenlandse precedenten met de bedoeling om tot 'best practices' te komen. Rijkelijk laat is Francken hier tot het inzicht gekomen en beval hij máánden later een onderzoek naar de praktijk in Europese landen. Nochtans essentieel voorbereidend werk.

 

Sinds september zegt sp.a dat het onderzoek naar het risico op mishandeling ernstig gevoerd moest worden. Premier Michel noemde het zelfs een 'heilig principe'. Het hoogste rechtscollege van ons land, het Hof van Cassatie, oordeelde dat België dit onderzoek niet altijd ernstig gedaan heeft.

 

Sinds september zegt sp.a dat Francken - best onder de radar - rekening moest houden met de herkomstregio van de Soedanezen. Francken heeft ondertussen gezegd dat dit een terechte bekommernis is en dat hij de praktijk op punt wil stellen.

 

Sinds september wees de sp.a-fractie er op dat persoonlijke info over wie mogelijk recht heeft op internationale bescherming in geen geval bij de Soedanezen terecht mocht komen. Amnesty International heeft aangetoond dat dat toch gebeurd is.

 

Telkens opnieuw kreeg sp.a gelijk.

 

“Deze regering had zich een hoop miserie kunnen besparen als ze onze aanbevelingen meer ter harte had genomen”, zegt Monica De Coninck.  “Ik kan alleen maar vaststellen dat het getoeter van de regering een fatsoenlijk uitzettingsbeleid bemoeilijkt heeft. Meer nog: door onze aanbevelingen in de wind te slaan, zat de staatssecretaris uiteindelijk zelf met de gebakken peren. Nadat eerder de uitzettingen al opgeschort waren, bevestigde het Hof van Cassatie later de schending van het zo heilig geachte art. 3 EVRM en beval het een vrijlating.”  

 

“Het gebrek aan een serieuze voorbereiding is problematisch voor het voeren van een fatsoenlijk uitzettingsbeleid”, zegt De Coninck.  “Via een opvolgingscommissie kunnen we op zoek naar 'best practices’.  Zo’n opvolgingscommissie zou op permanente basis het uitwijzingsbeleid moeten opvolgen, onderzoeken en bijsturen.

 

Ik hoor dat Theo Franken het voorstel genegen is en Kris Peeters ondertussen ook oproept tot een "externe controle op hoe mensen worden uitgewezen".  Ik roep de commissie daarom op ons wetsvoorstel onmiddellijk op de agenda te plaatsen en te stemmen. Het is essentieel dat er lessen worden getrokken uit de Soedandeal”, besluit De Coninck.