sp.a vraagt ook spoedzitting van het Vlaams parlement over Fipronil-schandaal

Zondag 6 augustus 2017 —  

In navolging van haar federale collega Annick Lambrecht, vraagt Vlaams parlementslid Els Robeyns dat ook het Vlaams parlement vervroegd samenkomt over het Fipronil-schandaal. De werking van het Federaal Voedselagentschap is weliswaar een federale bevoegdheid (minister Dennis Ducarme), maar er is inzake landbouw en voedselveiligheid  nood aan kennisuitwisseling tussen het Vlaams en het federaal niveau. Het wantrouwen bij de consumenten in eigen land en in onze buurlanden groeit met het uur, zodat volgens Els Robeyns ook de Vlaamse regering in het algemeen en Vlaams minister van landbouw Joke Schauvliege dringend de nodige informatie moet geven aan het parlement.

Nu zeker is dat men reeds in juni op de hoogte was van het probleem en de daaraan verbonden risico's, moet de vraag worden gesteld wie op politiek niveau wat wist en welke stappen zijn ondernomen om de consument te beschermen. Daarom wil sp.a zo snel mogelijk ook dat de Vlaamse regering het politiek stilzwijgen doorbreekt en duidelijke antwoorden geeft. In welke mate werd Vlaams minister van landbouw Joke Schauvliege door haar federale collega op de hoogte gebracht en wat deed het kabinet met deze informatie? Als ze niet op de hoogte gebracht werd, wat deed ze als Vlaams minister bevoegd voor landbouw rond de problematiek, goed wetende dat dit ook ernstige gevolgen zal/kan hebben voor de Vlaamse pluimveeteelt?

We hebben geen nood aan een nieuwe dioxinecrisis

Wij verwachten ook van de Vlaamse regering duidelijke antwoorden, aldus Els Robeyns. Indien zou blijken dat er zaken niet goed gecommuniceerd zijn of er onvoldoende snel is ingegrepen dan moeten ook hier lessen uit getrokken worden, we zouden moeten geleerd hebben uit de dioxinecrisis van 1999.

Ook de economische gevolgen van dit schandaal waren toen enorm. In snel tempo werden toen zeven miljoen kippen en 60.000 varkens vernietigd zodat hun vlees of eieren niet op de markt zouden komen. Door de tussenkomst van Europa werden in eerste instantie bijna 17.000 veebedrijven tijdelijk op non-actief gezet. Circa 2.000 landbouwbedrijven met pluimvee, varkens of runderen werden maandenlang geblokkeerd. De aanvoer van vlees naar de handel werd stilgelegd, duizenden tonnen vlees werden vernietigd en grote hoeveelheden kip en zuivel werden preventief uit de winkelrekken genomen. De export van kippen en eieren werd opgeschort. Als gevolg van de dioxinecrisis lag de Belgische landbouwexport op apegapen. De daling was het grootst bij dierlijke producten (-31%) maar het imago van ons land was dermate besmeurd dat ook tuinbouwproducten in de klappen deelden (-21%).

Els Robeyns: “De dioxinecrisis werd een dioxineschandaal omdat men de omvang van het probleem eerst stil probeerde te houden. Laat ons nu dezelfde fouten niet meer maken want de gevolgen voor de consument, landbouw en economie zijn enorm".