“Terugkeermissies Soedanese vluchtelingen opschorten tot veiligheid gegarandeerd is”

Woensdag 20 december 2017 —  

Kamerlid Monica De Coninck waarschuwde staatssecretaris Francken weken geleden al voor de weinig transparante overeenkomst met het dictatoriale Soedanese regime. Sommige Soedanezen melden dat ze al meteen bij aankomst op de luchthaven in Soedan hardhandig en langdurig werden ondervraagd en gefolterd. Dat is ronduit choquerend. De Coninck: “Wij hebben de staatssecretaris uitvoerig gewezen op de gevaren van het terugsturen van Soedanezen met de hulp van een op zijn minst gezegd ‘partijdig’ Soedanees identificatieteam. Hoe dat team te werk gaat, of ze worden aangestuurd door het regime in Khartoum en of de vluchteling op een eerlijke en objectieve manier wordt ondervraagd… daar hebben wij als parlementsleden het raden naar. We hebben nooit inzage gekregen in het afspraken-akkoord met Soedan. Het terugsturen van  Soedanese vluchtelingen moet worden opgeschort tot hun veiligheid kan worden gegarandeerd”, aldus nog De Coninck.

 

Terugkeer is een essentieel onderdeel van het asiel- en migratiebeleid. Om die terugkeer te kunnen organiseren, is identificatie noodzakelijk. “Vooral wanneer wordt samengewerkt met niet-democratische regimes, moeten dergelijke terugkeer-operaties met de grootst mogelijke precisie worden voorbereid en met de grootst mogelijke voorzichtigheid worden uitgevoerd. Dat geldt des te meer voor het Soedan van genocidair Omar al-Bashir”, zegt De Coninck.

 

“Staatssecretaris Francken, maar ook premier Michel en minister Jambon, hebben steeds verzekerd dat artikel 3 van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens zou worden gerespecteerd. Bij terugkeer zou er dus geen risico mogen zijn op foltering of ernstige schade. Dat blijkt nu ijdele hoop”, zegt De Coninck. Nochtans oordeelde de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen in het geval van de Soedanezen die nu getuigen in de media, dat uit niets bleek dat die toetsing ook daadwerkelijk plaatsvond.

 

We vragen met sp.a 100% garantie dat wie teruggestuurd wordt niet om zijn lijf en leden moet vrezen. “Staatssecretaris Francken moet deze veiligheid garanderen en anders stopt hij beter met zijn terugkeer-operaties richting Khartoum. Het instrument hierbij is een doorgedreven art.3 EVRM-toets. Pas dan kunnen de gevolgen van het terugkeerbeleid goed worden ingeschat. België moet ondertussen met spoed het lot van de reeds teruggekeerde Soedanezen laten opvolgen via de Belgische ambassade en dus ook voorlopig stoppen met het terugsturen van nieuwe vluchtelingen totdat dit alles transparant en veilig kan gebeuren”, zegt De Coninck.

 

Monica De Coninck leert uit deze fout gelopen ‘Soedan-deal’ dat er een duidelijke nood is aan een Permanente Opvolgingscommissie voor het Uitzettingsbeleid. Een dergelijke commissie zou kunnen nagaan of de Dienst Vreemdelingenzaken het befaamde artikel 3 van de Europese Rechten van de Mens respecteert; en meer in het bijzonder de bepalingen inzake het verbod op foltering en het reëel risico op ernstige schade. Monica De Coninck vroeg herhaaldelijk naar het installeren van deze commissie en diende hiervoor ook een wetsvoorstel in, maar voorlopig blijft het op dat vlak stil op het staatssecretariaat.