Vier jaar wachten op jeugdhulp is onaanvaardbaar

Maandag 6 juni 2016 — De Vlaamse regering slaagt er niet in om kwetsbare kinderen en jongeren de hulp te geven die ze nodig hebben. Dat concludeert Vlaams parlementslid Freya Van den Bossche (sp.a) uit het Jaarverslag Jeugdhulp 2015. ‘De wachtlijsten worden langer. Honderden kinderen en jongeren moeten bijna vier jaar of langer wachten op hulp. Dat zijn dramatische cijfers. Elk kind en elke jongere moet de hulp krijgen die hij of zij nodig heeft. En niet  over vier jaar, maar hier en nu.’

 

Bijna achthonderd kinderen en jongeren met een beperking wachten gemiddeld 1.366 dagen op de start van de juiste hulpverlening - dat is bijna vier jaar. Nog eens meer dan 1.600 minderjarigen met een beperking werden in de loop van 2014 op een wachtlijst voor hulp gezet, en stonden daar met nieuwjaar 2016, meer dan een jaar later, nog steeds op. Jongeren met een erg ernstige hulpvraag kunnen een zogenaamde 'prior' krijgen, waarmee zij vooraan op de wachtlijst worden geplaatst. Maar desondanks wacht meer dan de helft van hen negen maanden later ook nog steeds op de start van de hulpverlening. Dat zijn allemaal cijfers die te lezen staan in het nieuwe Jaarverslag Jeugdhulp 2015.

Freya Van den Bossche reageert onthutst:  “Die cijfers zijn dramatisch. Het gaat hier stuk voor stuk om erg kwetsbare kinderen en jongeren, en Vlaanderen slaagt er maar niet om hen de hulp te bieden die zij nodig hebben. De wachtlijsten voor hulp krimpen niet, integendeel. Deze Vlaamse Regering weigert systematisch om de nodige middelen te investeren om die kinderen en jongeren te helpen. Wij zijn één van de meest welvarende regio's in de wereld, maar de overheid laat die kinderen en jongeren in de steek."

Dat de situatie op het terrein dramatisch is, blijkt niet alleen uit het feit dat eind 2015 meer dan 7.300 kinderen en jongeren op een wachtlijst van een niet-rechtstreeks toegankelijke voorziening stonden.

Freya Van den Bossche: "Kinderen en jongeren kunnen voor korte of iets langere tijd al hulp krijgen door bijvoorbeeld een jeugdzorgvoorziening, een centrum voor integrale gezinszorg, of via crisishulp aan huis. Na afloop van die hulp kunnen die voorzieningen aangeven of zij vervolghulp noodzakelijk achten. En wat blijkt? In amper de helft van de gevallen waar vervolghulp noodzakelijk is, wordt de nodige hulp ook geboden. In de andere helft komt die vervolghulp er niet, of maar gedeeltelijk. Dat is de escalatie van problematische situaties organiseren."

"De mensen die met kinderen en jongeren werken doen hun uiterste best, zetten zich elke dag in om hem zo goed en zo kwaad als het kan bij te staan. Zij verdienen dan ook alle respect. Het is echter ongehoord dat duizenden kinderen en jongeren door de mazen van het net vallen, en dat zij door een gebrek aan investeringen van de overheid niet de hulp krijgen die zij nodig hebben."

Published with Prezly