Voorzitter Dirk Van der Maelen stelt alternatief eindrapport Afkoopwet voor

Voorzitter Dirk Van der Maelen stelt alternatief eindrapport Afkoopwet voor

Donderdag 29 maart 2018 —  

Deze week vonden de slotbesprekingen plaats in de onderzoekscommissie over de totstandkoming en de toepassing van de wet op de verruimde minnelijke schikking. Daarbij moest blijken welke conclusies de commissie trekt uit de vele hoorzittingen die ze organiseerde en documenten die ze verzamelde. Voorzitter Dirk Van der Maelen (sp.a) is ontgoocheld: “Voor deze week was ik hoopvol. We hebben na hard werken een stevig rapport met heel duidelijke vaststellingen. Ik betreur het echter enorm dat de meerderheid deze week nog enkele cruciale vaststellingen heeft geschrapt, maar vooral dat ze uit de vele vaststellingen niet de gepaste conclusies wil trekken.”

 

De meerderheidspartijen hadden samen eigen conclusies en aanbevelingen ingediend. Ze noemen de totstandkoming van de wet op de verruimde minnelijke schikking een “normale manier van werken” en zien geen bewijs van ongeoorloofde druk. Dirk Van der Maelen (sp.a): “Dat vind ik werkelijk onbegrijpelijk. De vaststellingen in ons rapport zijn overduidelijk. Door daar nu niet de gepaste conclusies uit te trekken, verzaken de leden van de meerderheid aan hun democratische plicht als parlementslid.”

 

Volgens de heer Van der Maelen waren de gebeurtenissen in aanloop naar de wet van 2011 en de toepassing ervan helemaal niet normaal. In bijlage vindt u een lange lijst van 27 punten. Hierbij de 5 belangrijkste:

  1. De diamantsector was van het begin tot het einde betrokken bij de totstandkoming van de wet dankzij zeer nauwe en frequente contacten. Ze leverden voor de werkgroep van het College van Procureurs-Generaal de basis voor de wettekst. Die nauwe samenwerking stond vermeld in de toelichting bij de tekst, maar werd daaruit geschrapt door het kabinet van de minister.

  2. Er werd een advocatenteam opgericht in opdracht van het Elysée om Chodiev van zijn gerechtelijke problemen in België af te helpen. Armand De Decker was lid van dat team en heeft begin 2011 zowel bij de minister van Justitie als bij het parket geprobeerd druk te zetten op de gerechtelijke procedure én op de totstandkoming van de wet.

  3. De minister van Justitie vroeg in mei 2011 aan het College van Procureurs-Generaal om te wachten met de toepassing van de wet in afwachting van een reparatiewet, maar het College heeft daarop een omzendbrief opgesteld die er specifiek op was gericht om in die periode toch twee zaken te kunnen schikken: Société Générale en Chodiev.

  4. De sp.a-fractie heeft voorgesteld om ons met de commissie aan te sluiten bij het oordeel van de Hoge Raad voor Justitie uit haar advies van november 2017 dat de inhoud en de totstandkoming van de wet het vertrouwen hebben geschaad én dat de wetgever in 2011 wel heel ver is gegaan in de verruiming van de minnelijke schikking. De meerderheidspartijen veegden dit advies van deze onafhankelijke instelling van tafel.

  5. De sp.a-fractie heeft voorgesteld om in de aanpak ten aanzien van lobbyisten veel verder te gaan dan de beperkte aanbevelingen van de Werkgroep Politieke Vernieuwing van vorig jaar. Zo moet er niet enkel een lobbyregister komen voor het parlement, maar zeker ook voor de regering. Daarnaast moet er ook een verplichting komen tot opname van een “lobbyparagraaf” in elk wetsvoorstel en elk wetsontwerp.


Dirk Van der Maelen: “In de vaststellingen (en tijdslijn) van ons rapport maken we een gedetailleerde reconstructie van de feiten. Ik nodig iedereen uit om die te lezen. Maar dat de meerderheid dan concludeert dat alles normaal was en geen lessen wil trekken uit deze reconstructie, begrijp ik echt niet.”